Gedachten van een incestkind
Of: waar een handhaver der rechtsorde zich aan dient te houden………
Als je aangifte doet…
- Mij helpen staat voorop. Mijn belangen gaan boven de belangen van een eventueel opsporingsonderzoek. Geef mij de ‘politie als mijn vriend’ behandeling.
- Vind het niet ‘vreemd’ als ik een vertrouwenspersoon naast me wil.
- Gevangenisstraf? Weet ik veel! Laat het seksueel misbruik tenminste ophouden; jullie hebben daar toch middelen voor?
- Ik wil er niet alleen mee blijven rondlopen. Als ik om hulp vraag, geef me die dan zoveel mogelijk, of vertel me anders over het bestaan van opvangmogelijkheden waar de mensen mijn taal spreken.
- Raak niet overstuur van mijn emoties. Mijn angsten zijn echt en jij kunt me – als gespecialiseerde rechercheur – al heel wat kalmeren als je me probeert te begrijpen. Schrik niet als ik zeg: “Ik haat…” Geef me de ruimte mijn woede te kunnen uiten.
- Betuttel me niet. Ik besef dat aangifte gevolgen heeft. Maar wees gerustgesteld: ik spreek de waarheid en ik overdrijf niet. De pijn van aangifte doen is mijn pijn; neem me die niet af.
- Snoer me niet de mond. Te lang heb ik moeten zwijgen. Het seksueel misbruik gebeurde ook in stilte.
- Neem geen bezit van mijn rechten – zeg me wat mijn rechten zijn.
- Vertel me niet hoe het hoort; misbruikt worden ‘hoorde’ toch ook?
- Vraag me niet: “Waarom?” of “Nu pas?” Ik vind het moeilijk me te verantwoorden voor het feit dat ik me als afhankelijke minderjarige niet kon verzetten. Overigens… heb ik niet twaalf jaar de tijd?
- Ook al maakte b.v. mijn tante melding; ik wil (mee) beslissen of er aangifte wordt gedaan. Help me mijn eigen wil en zeggenschap over mijn eigen leven terug te krijgen.
- Bereid me voor op het verhoor en wat er verder met de aangifte gaat gebeuren. Geef me rustig de tijd om te vertellen in plaats van onmiddellijk te beginnen met typen. Laat me mijn verklaring doorlezen en zo nodig veranderen voordat ik onderteken.
- Zet me niet ‘te kijk’ tijdens het verhoor. Die vernedering komt me tè pijnlijk bekend voor… Overleg met mij de plaats waar mijn verklaring opgenomen wordt en zorg dat we niet gestoord worden.
- Vraag me niet of het ‘aanranding’ of ‘verkrachting’ was. Mijn verwarring is groot: ik voel me beschaamd, misbruikt, vernederd.
- Ga er van uit dat de seksuele handelingen tegen mijn wil gebeurden. Als jij praat over ‘uitlokking’ of ‘medeplichtigheid’ vergroot je mijn schuldgevoel.
- Ik weet dat ik slechts getuige ben bij deze rechtszaak; maar houd mij op de hoogte van het onderzoeksverloop. Maak hiervan melding in het proces-verbaal; vermeld ook hoe ik denk over strafvervolging van de dader(s).
- Seksueel misbruik is geen kinderspel, ook al speelde mijn broer ‘doktertje’.
- Seksuele kindermishandeling is een strafbaar feit. Het is de dader(s) aan te rekenen. Ik ben niet verantwoordelijk voor het probleem van de dader(s) of naaste familieleden…… hoewel ik het vaak wel zo voel.
- Seponeer de (mijn) incestzaak niet te snel. Daardoor wordt de dader beschermd; ik niet! Ik heb het opgeblazen, gelogen, stel me aan… en word dus weer niet geloofd.
- Als de zaak toch geseponeerd wordt, vertel het me dan en leg me uit waarom.
- Ik vind het een vooruitgang dat politie en justitie kontakten en samenwerkingsverbanden onderhouden met hulpverleningsinstanties over seksueel misbruik van kinderen.
Oktober 1984 Vereniging tegen Seksuele Kindermishandeling binnen het gezin
.gif)
.gif)